Burgemeester Vermeersch

 

 

 

 

PERSBERICHT

WOUTER VERMEERSCH STELT ZICH KANDIDAAT-BURGEMEESTER

Het Vlaams Belang in Kortrijk draagt Wouter Vermeersch voor als kandidaat-burgemeester bij de komende lokale verkiezingen. Vermeersch haalde met 35.200 voorkeurstemmen een recordscore, niet alleen in West-Vlaanderen maar ook in Kortrijk. “Ik heb gewacht op een duidelijk mandaat van de Kortrijkzaan om mijn kandidatuur te stellen en dat is er gisteren gekomen. Daarom stel ik mij formeel kandidaat als burgemeester van onze Guldensporenstad”, stelt een gemotiveerde kandidaat-burgemeester Wouter Vermeersch (Vlaams Belang).

Wouter Vermeersch is met 3.139 voorkeurstemmen onbetwist de stemmenkampioen in Kortrijk op ruime afstand gevolgd door Axel Ronse (N-VA) (2.480 voorkeurstemmen), Philippe De Coene (Vooruit) (1.929 voorkeurstemmen) en Vincent Van Quickenborne (Open VLD – Team Burgemeester – Stadslijst voor Kortrijk) (1.802 voorkeurstemmen). “Vanop dezelfde lijsttrekkerspositie bijna dubbel zoveel steun krijgen als de uittredend burgemeester is een onmiskenbaar signaal van de Kortrijkzanen”, zegt Vermeersch. “Lokale verkiezingen draaien steeds meer rond personen. Op 13 oktober 2024 ga ik dan ook niet alleen de lijst trekken, maar ik stel mij ook, voor het eerst, formeel kandidaat-burgemeester”, besluit Vermeersch op basis van de kiesuitslag van 9 juni.

Vermeersch is 39 jaar en sinds 2018 fractieleider in de Kortrijkse gemeenteraad voor het Vlaams Belang. De handelsingenieur was jarenlang ondernemer en is vandaag, als volksvertegenwoordiger, de specialist voor Vlaams Belang op Financiën en Begroting. Voor zijn werk in de Kamer van Volksvertegenwoordigers kreeg hij zeer goede rapporten. In het Nieuwsblad werd hij gerekend tot de ‘toppers’ en uitgeroepen tot ‘het beste Kamerlid voor Vlaams Belang’. In het Laatste Nieuws werd hij ingedeeld bij ‘zij die stenen verlegden’, bestempeld als ‘constructieve dossiervreter’ die ‘respect geniet bij meerderheid én oppositie’ en erin slaagde om ‘wetgeving te beïnvloeden’.

Ondertussen is duidelijk geworden dat, na de verkiezingsnederlaag van Van Quickenborne, Ruth Vandenberghe lijsttrekker zal worden bij de nieuwe Stadslijst voor Kortrijk (gemeenschappelijke lijst van Team Burgemeester/Open Vld en CD&V). “Ik zal nog gemotiveerder de handschoen opnemen tegen Vandenberghe”, reageert Vermeersch, die wijst op het gebrek aan politieke ervaring en dossierkennis bij Vandenberghe. “Fotogeniek zijn en een hoog knuffelgehalte hebben, volstaat niet om burgemeester te zijn van een centrumstad. In de drie jaar dat Vandenberghe waarnemend burgemeester was, raakte ze in de gemeenteraad niet verder dan het aflezen van de nota’s van haar kabinet. Onze bijvragen kon ze ook nooit ter plaatse beantwoorden. Voor ons is en blijft Ruth Vandenberghe een marionet van Van Quickenborne. Een stem voor Vandenberghe is uiteindelijk een stem voor Van Quickenborne. Wie meer van hetzelfde beleid wil, kan dus gerust stemmen voor de Stadslijst voor Kortrijk, N-VA of Vooruit, maar wie échte verandering wil, roepen wij op om opnieuw massaal te stemmen voor het Vlaams Belang!

Naam: Wouter Vermeersch
Organisatie: Vlaams Belang Kortrijk

3

AVV-VVQ

 

 

 

 

Waarde Jarretelle,

Gelieve bijgaand briefje op te nemen op uw fel gesmaakte weblog.

Vincent Van Quickenborne

Brief aan alle Kortrijkzanen.

Na mijn ontslag als minister heb ik erg diep gezeten. Vrouwke Anouk raadde mij aan haar elke dag meermaals vurig te beminnen en elke dag een goed werk te doen en dat hielp. Er zijn veel dingen misgelopen en veel mensen zijn daar boos over. Ik heb de goorste leugens verteld en jullie Kortrijkzanen belazerd en dat is een schande. Zo vertelde ik schaamteloos dat er geen schriftelijk voorakkoord was voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2012.
Niets is minder waar. Mijn handtekening staat onder het voorakkoord van 11 juli 2012, afgesloten ten huize van N-VA voorman advocaat Filip Daem in Wevelgem. Verder heb ik ook gelogen over de zogenaamde pipi-affaire waarbij vier van mijn beste vrienden, in dronken toestand, tijdens mijn verjaardagsfeestje tot driemaal toe gewaterd hebben tegen een politiecombi die voor mijn deur stond. Ik heb dat grappig tafereeltje met mijn eigen ogen gadegeslagen en vond het opwindend. Mijn verhaaltje over die luchtgitaar was een leugen. Ook mijn boezemvriend Peter Lanssens, alias Lange Peter, die eveneens op mijn feestje aanwezig was, was getuige van de wildplasserij en vond het bijzonder leuk. Ik heb het willen uitleggen, maar dat liep slecht af. Mijn leugens haalden de bovenhand.
Verder heb ik de Kortrijkzanen wijsgemaakt dat ik burgemeester zou blijven, wat er ook te gebeuren stond. Ook dat was leugen en bedrog, ik wist maar al te goed dat ik een ministerpostje boven het burgemeesterschap zou verkiezen. Vooral om financiële reden. Ik heb een duur villaatje af te betalen en mijn vrouwke brengt geen manna in het bakje. Wat was dat een leugen !
Ik vertoefde in een onbeschrijfelijke staat van gelukzaligheid toen het ministerpostje mij in de schoot geworpen werd. Ik was verliefd op het genot dat het ministerpostje mij bezorgde. Maar ik wil vermijden dat ik veracht en gehaat word omwille van de vele leugens die ik rondstrooide. Ik zal doen wat ik moet doen, als de plicht roept een goed parlementair worden en als de kans zich voordoet weer minister worden. Ik wil niet lafhartig, leugenachtig, lichtzinnig, wispelturig, besluiteloos en machiavelliaans overkomen. Ik vraag vergiffenis voor al mijn gore leugens. Excuus daarvoor. Ik wil weer een hoog gewaardeerde politieke homme du monde worden, een vrijdenker hors catégorie. Ik hoop dat jullie mij kunnen vergeven.

Genegen,

Vincent Van Quickenborne
Burgemeester van Kortrijk

2

Volksverheffing

 

 

 

 

 

Beste jarretel, geachte heer hoofdredacteur, was zo vrij u zopas een relaas over te maken van een gebeurtenis die onlangs ons schooltje overkwam. Een eventuele publicatie zou ons ten zeerste verplichten. Alles voor de mentale volksgezondheid!
Met bijzondere hoogachting,
Christian 

Eerste Keus

Ik ben van mening dat als het goed is het ook eens mag gezegd worden. Ik heb het over de inspanningen die onze regionale, federale en commerciële zenders naar voor brengen om ons zwalpende, niet-wetende, verontruste en onbesliste kiezers wegwijs te maken in de duistere en soms ondoorgrondelijke wereld van het politieke bestuur. We worden verwend: de Afspraak, Kies24, het Conclaaf, de Verkiezingstafel…het kan niet op.

Vooral de inspanningen om de jeugd dichter bij politiek te brengen verdient alle waardering. Het programma Eerste Keus schiet hierbij de hoofdvogel. Hoe mooi toch, bijna het summum der democratie, dat wij, stuurloze jongeren, die hooggeplaatste bestuurders zomaar alle vragen mogen stellen. Vroeger was het anders . Voor uw 21 moest ge uw bek houden en naar mama en papa, Mr. Pastoor en de Meester luisteren.
Maar kijk, de tijden veranderen.

In het schooltje waar ik les volg in het derde ‘Bewaar’ van de Kleuter en Basisschool “Het Zonnestraaltje” in Pervijze, waren we dan ook zeer verblijd toen onze directrice mevrouw Burnie Outtie (een zij-instroomster die vroeger nucleaire geneeskunde doceerde aan de KUl) ons tijdens het springuurtje tussen de melk en de potjestraining de blijde mare bracht dat ons schooltje door de VRT uitverkoren was om aan een uitzending van de Eerste Keus mee te werken.
Hoera, natuurlijk. U zal nu wellicht opmerken of het wel relevant is dat we als 4-6 jarigen in de mogelijkheid zijn om het politieke gild reeds het vuur aan de schenen te leggen. Maar mispak u niet. Wij zijn van in de wieg opgegroeid met de smartphone en algoritmen en A.I. zijn ons dagelijks speelterrein. En plus vormen wij de toekomst die binnen een 15-tal jaren, en een 50-tal regeringen verder, het zal voor het zeggen hebben. Jawel, vroeg geleerd…! Daarbij past het perfect bij de strategie van onze staatsomroep om zo vroeg mogelijk de jeugd bij hun kijkvoer te kunnen voegen. Het hoeft niet altijd Ketnet te zijn, en daarbij zijn we niet allemaal Tik-Tok kindjes en Instagram gluurders.

En warempel, verleden week kwam reeds een TV-crew ter plaatse. Aangevoerd door die overjaarse scouts leider Ben Waes en dat halfbakken soepkieken Pieterjan Desmet. Om ons wat op te warmen hadden ze gotbetert een poppenkastje in elkaar geflanst, een soort spin-off van de Fabeltjes Krant . Meneer den Uil vertelde ons dat de “inwoners van het grote dierenbos mochten kiezen welke sujetten hen de beste nootjes en de mooiste nestkastjes gingen bezorgen en ze daarvoor een bolletje mochten rood kleuren. Wie de mooiste bolletjes kreeg zou, in ruil voor dikke noten en grote potten lekkere honing mogen beslissen hoe dit allemaal OK kwam.” En omdat “wij binnenkort als we wat groter waren ook bolletjes gingen mogen kleuren zouden Bumba Bart, Tubbie Tom en Tante Melissa ons komen vertellen hoe we dat het best konden doen.”
Complete onnozelheid, wisten we, maar we gaven die tuinkabouters toch een welwillend applausje. Alleen onze Fatima Farouck, altijd al een speelvogeltje geweest, kon niet nalaten te zingen van “alloo meneer de uil, uw kl..zijn zo vuil”, maar dit passeerde onopgemerkt.

Tijdens het speelkwartiertje hielden we crisisberaad. Onze Pierrot Vendredi, een mulatje van de derde generatie die zich ontpopt had tot een door iedereen aanvaarde natuurlijke klasleider, stelde zijn plan voor, dat we unaniem goedkeurden maar wijselijk geheim hielden.

En kijk, vrijdag j.l. arriveerde het VRT circus. Reikhalzend keken we uit naar onze slachtoffers. De eerste die ten tonele kwam was Bumba Bart, vermomd als een Nonkel Bob, gitaar incluis. Die De Wever natuurlijk. Kort erop intrede van Tubbie Tommie. Door zijn niet Arische trekken, eerder de looks van een illegale nord-africain, wisten we onmiddellijk dat het Van Grieken was. En last but not least Tante Melissa, in een hip mini-rokje en een topje met de afbeelding van een eekhoorntje, kortom een mooie reïncarnatie van tante Terry en Kraakje, wel goed gedaan.
Toen we vraagjes mochten stellen trad ons snode plan in actie. Eerst lieten we ons lieftallige Aissa op hen los. Met een verlegen stemmetje vroeg ze of we “in ons speeltuintje een nieuw schommeltje konden krijgen”. Vertederend antwoorden ze alle drie dat dit zeker kon want “ veel buiten spelen was zeer belangrijk”. Vervolgen stuurden we Muhammed Ben Salami in de vuurlinie. Poeslief vroeg hij of er ook een ‘snoezelhoekje’ kon komen.” Tuurlijk, lieve jongen, kraaiden ze unaniem.

Genoeg geleuterd dachten we. Volgens plan nam ik het woord en vertelde “dat ik uit een gebroken gezin kwam, waar papa mama door werkloosheid en gebrekkige gezondheidszorg respectievelijk aan de drank en de drugs waren geraakt, en elkaar geregeld afklopten, om te eindigen met de concrete vraag of partnergeweld nu al dan niet reeds in het strafwetboek is opgenomen”. Onmiddellijk volgde Jo Achim Bé Noit (eigenlijk noemt hij Joachim Benoit, maar door onze multi-culti inslag wordt zijn naam steeds verkeerd uitgesproken) die stelde dat hij “zich eigenlijk een meisje voelde en vroeg of er nu al werk was gemaakt met de transgenderrechten”. Nadien sprong onze Ali Boeba recht met de vraag of “het miljard aan wapens voor Oekraïne niet beter aan de zorg en het begrotingsgat zou worden gespendeerd en of de jammer genoeg geradicaliseerde jongeren ook geen jeugdsubsidie konden krijgen”
We zagen onze Bumba, Tubbie en Tante verbleken en ongemakkelijk op hun stoel schuiven. Jaja, met hun mond vol tanden zoals we zeggen. Toen we spontaan “c’est la lutte finale” inzetten grepen Waes en en Pieterjan in, riepen cut en begeleiden onze tenoren onder ons boe-geroep vlug naar de uitgang.

Tevreden kwamen we weer samen in het speeltuintje. Hopelijk was onze boodschap over gekomen dat we graag wat worden ingelicht, maar dat ze met hun overdreven betutteling en bepampering de pot op konden. De toekomst wenkt.

Christian Raes