Meester-Fabulator

Aan de tand gevoeld over zijn jongste politieke grappen en grollen aangaande de nachtelijke exploten van dagburgemeester Van Quickenborne, gunde Vlaamsch Belanger Wouter Vermeersch Jarretel een blik in zijn politieke fabulatorziel.

Wouter Vermeersch : “Kijk, de affaire van de dronken en positief blazende Quickie hangt dik mijn kloten uit. Als ik zeg dat ik de waarheid en niets dan de waarheid spreek, zo helpe mij god, gelooft mij niemand. Natuurlijk was Quickie na die VeeKaa match crimineel zat, zoals gewoonlijk na de voetbal op de VeeKaa. Mijn getuige, een notoire VeeKaa aanhanger, is formeel in die dingen. Hij liegt zelden of nooit zegt hij en ik heb geen reden om aan de integere getuige te twijfelen. Q heeft een grens overschreden en de rechtsstaat aan zijn twee ballen geveegd. Ik neem geen letter terug van wat ik op FB geschreven heb en het blijft er tot in de eeuwigheid op staan. Natuurlijk, ik ben parlementair en dus onschendbaar, dus kan ik zoveel leugens en lasterlijke aantijgingen over Quickie verkopen als ik maar wil. Het gerecht kan de pot op. Ze mogen altijd proberen, en mocht het zover komen dat ik in de stront geraak, zal ik me niet laten achter de tralies steken en ga ik alsnog de identiteit van mijn bron, die mij in een dronken bui die zogezegde leugens over Quickie op de mouw spelde, aan de grote klok hangen. Ik ben niet zot hé ! By the way, ik kan niet verduiken, ik kwam bijna klaar toen ik het heuglijke nieuws over mijn aartsvijand Quickie vernam. Na die kwalijke affaire over de Wolfschanze, waarbij hij mij een nazi kampcommandant noemde, had ik hem eindelijk bij zijn pietje. Dat ik een zekere weerzin opwek in de gemeenteraad kan ik niet ontkennen. Mijn uitspraken zijn nogal uit de lucht gegrepen, stroken niet altijd met de volle waarheid en mijn gedrag, dictatoriaal zeggen ze, doet soms aan de jaren dertig denken. Dat ik bij de aanvang van elke gemeenteraad de quenelle presenteer doet veel collega’s kokhalzen en sommigen verlaten dan de raadszaal en keren niet meer terug. Ze vinden mij een verdacht personage, een fascist pur sang, voor de schijn vriendelijk en behulpzaam, maar achterbaks en onbetrouwbaar, als iemand met een slecht geweten. Ik krijg er geen sympathie voor in de plaats. Niemand van de oppositie wil met mij samenwerken en zowel David Wemel als Hannelore Vanhoenacker mijden mij als een schurftige nazihond. Dat is heel onterecht, het zijn ruggengraatloze kwallen en totentrekkers uit de krochten van de plaatselijke politieke diergaarde. Bah ! Ach, ik besef dat het geen toffe tijd wordt in de Kortrijkse gemeenteraad en dat mijn aangeboren koppigheid om beerputten open te doen, al is het maar voor de schijn, finaal mijn ondergang zal betekenen. Gelukkig is mijn vrouwtje daar goed op voorbereid, er is voor mij een uitweg, grijnst ze elke avond voor het slapengaan. Het kroegslempen, aan de vrouwen zitten en het nachtelijk dwalen tot levenskunst verheffen, en met een stuk in mijn kloten achter het stuur kruipen zoals onze burgemeester, zit er bij mij niet in. Eindeloze dronkemanstochten en nachtelijk tooghangen in den Bras, Balthazar en Rubens is niet aan mij besteed. Ik ben een nette jongen. Ben ik arrogant, word ik voor fabulator, neo-nazi, facist en leugenaar uitgescholden tant pis, de boom in met de zakkenvullers, drinkebroers en hoerenlopers in de Kortrijkse politiek. Ik ben tot geen enkel compromis bereid wat betreft politieke geloofwaardigheid en slippertjes binnen of buiten het huwelijk. Meer ga ik over deze netelige kwesties niet vertellen. Ik wens alle Kortrijkzanen een zalig Kerstfeest !”

Dit bericht is geplaatst in Talk of the town. Bookmark de permalink.