Vliegt de Blauwvoet ?

Mijn stad hangt vol Vlaemsche Vaandels zonder rode klauwen (en dat is niet echt ok).

Jezus Christus, dacht ik, toen ik maandag van hoog Kortrijk naar Heule fietste. Mijn stad hangt vol zwart-gele Vlaemsche Leeuwen. Zonder rode klauwen dan nog. Dus Vlaemsche Leeuwen van de separatisten, de republikeinen, de Belgiëhaters en andere fascisten, zwartzakken of hun nazaten. Wat is hier dan gebeurd, godslasterde ik ? De rit van het werk naar huis duurt zo’n 20 minuten. Voordeel van fietsen is dat het je zuurstof geeft. Zuurstof om na te denken.

Stel, zuchtte ik, dat ik in het buitenland op vakantie zou zijn. En ik zie een stad vol regionale vaandels naar aanleiding van hun regionale feestdag. Ik zou het vast charmant vinden. Bijvoorbeeld Catalonië en Puigdemont. Of Baskenland, Schotland, Bretagne, Wales, Quebec, Occitanië, enz. Negen kansen op tien zou ik een lokaal dorpsplein opzoeken om samen met de ‘locals’ hun feestdag te vieren en veel pinten te pakken of bottels lokale rode wijn. Dat dus wel, herpakte ik me al fietsend.

Het is dus echt wel ok om te vieren samen met de gemeenschap waar je je mee verbonden voelt. Maar niet gelijk hoe natuurlijk. Omdat je er deel van uitmaakt, of omdat je er toevallig op reis bent, ja dat wel. Maar te Kortrijk stelt er zich een levensgroot probleem. Leeuwenvlaggen zonder rode klauwen zijn vlaggen van de fascisten en van de collaboratie, wat ik dacht met wortel en tak uitgeroeid te zijn in onze beste stad van de Vlaanders. En op die zogenaamde plechtigheid aan de Maagd, vol nazaten van de Oostfonters en Vlaemsche fascisten doet het stadsbestuur en Quickie dus mee ? En dus heb ik er geen vrede mee dat mijn stad vol hangt met Vlaemsche zwartgele leeuwenvodden zonder rode klauwen op de vooravond van 11 juli. De Vlaemsche feestdag. De stad van de Groeningekouter en Gewijde van Dampierre. De zelfverklaarde bakermat van de Vlaemsche ontvoogding. Daar walg ik van.

En toch.

Ik zit deze tekst te op mijn Olivetti 82 van 1968 te typen op het geïmproviseerde terrasje van mijn nederig nieuw rijtjeshuis. Terwijl ik overspoeld word door selfies vanop diezelfde Groeningekouter. Samen met onze burgemeester en met de Vlaemsche Minister President Betteke ad interim. Maar ik zit dus op dik drie kilometer van het feestgedruis. Hoe komt het toch dat ik, die mezelf graag een fiere Vlaming noem, me niet kan identificeren met het feestgebeuren van deze avond? Het is niet dat ik feestjes niet leuk vind…Ik ben een feestvarken als het erop aankomt. Naar ik verneem waren mijn medestanders Matti en Philippe Azijn wèl bij de Maagd aanwezig, zonder mijn toelating. Dat kan beter. Maar bon.

Laat me nog dit zeggen. Zolang Vlaanderens eerste burgers en Minister President Betteke de Vlaemsche identiteit vorm geven door zich kotsend af te keren van Walen, Brusselaars, gebronzeerde vreemdelingen, linkse ratten, Belgicisten met hun vod en moffen uit de Oostkantons, zal ik me nooit met hen één voelen. Nooit, jamais, never, niemals ! Over my dead body !

Wel voel ik aandrang om me vanavond fiere Vlaming te noemen, maar met mate en met een krop in de keel. Op mijn eentje op mijn geïmproviseerd terrasje, langs de ijzerweg, een bak gekoelde Duvel binnen handbereik, uitkijkend op afzichtelijke Vlaemsche koterijen van mijn marginale overburen, typisch Vlaemsch janhagel dat zich op deze Vlaemsche feestdag ligt te bezatten en aan mekaars vrouwen frunikt. En blij dat ik in dit land nog steeds mag zijn wie ik ben, een politiek-correcte, welopgevoede, goed doorvoede, hoog opgeleide, diepgroene en nette Vlaming van het soort waarvan er helaas nog veel te weinig rondlopen, en dat ik dit ongegeneerd mag neertypen op mijn Olivetti 82 van 1968 en wat ik diep van binnen voel en denk.

Vliegt de Blauwvoet ?
Storm op Zee !

David Duimeloot

Dit bericht is geplaatst in Humor, Ingezonden Stukken. Bookmark de permalink.