Vincent de Doender

Op het dakterras van Natacha Jaumain had Jarretel een openhartige babbel met VLD lijsttrekker en burgemeester Vincent Van Quickenborne.

Jarretel : Meneer Van Quickenborne, waar is de tijd dat u een jointje opstak in de Senaat.

Van Quickenborne : Ah ja, twintig jaar geleden, de tijd verstrijkt, maar de smaak van de cannabis en aanverwanten is niet veranderd, integendeel ze is fel verbeterd. In deze materie en in de politiek heb ik een serieus traject afgelegd. De combinatie politiek vermengd met een jointje hier en een lijntje wit poeder daar heeft van mij een stevig politicus gemaakt. Ik heb bewezen dat sommige roesmiddelen effect op mijn politieke prestaties hebben, waardoor ik veel dingen doe en in beweging heb gezet. Ik ben een doender van het zuiverste poeder. Terwijl collegaatjes hun talenten vergooien in brandewijn, seks en vrouwen, verkies ik de heilzame weg van het gedoseerd cerebraal genot. Zo ben ik erin geslaagd niet alleen de hemel op aarde te beloven, maar ook om de pensioenleeftijd op te trekken tot 82 in 2082. Een aartsmoeilijke boodschap voor een doender pur et dur als ik, en ge zult zien dat ik er de zesentwintigste een zak stemmen zal mee binnenhalen. By the way, ik koop mijn wit en ander spul in de Boeren, een meerwaarde drugstent dewelke ik via mijn vrienden in de staande en zittende magistratuur gedoog en heimelijk sponsor. De Boeren zijn een Kortrijkse kleine commerçantengenootschap wiens kave ik recht help houden.

Jarretel : De Vlaamse mensen zijn voor legalisering van cannabis en cocaïne. Bent u een voorloper op dat gebied ?

Van Quickenborne : Natuurlijk ! Kijk vriend, ik ga niet rond de pot draaien. Ik vertel soms te vroeg dingen, die dan later waarheid worden. Tegenstanders criminaliseren tabakspruimers en brave lieden die aan de cannabis, cocaïne, heroïne, LSD, sassi, esprit de sel, eau de javel of glyfosaat zitten. Ik vind dat zeer onrechtvaardig. Voor mij is het een zaak van gezondheid. Veel mensen, en daar ben ik ook bij, gebruiken dat op een redelijke manier, zoals met bier en wijnazijn. Deskundologen zoals toxicoloog Tytgat, eveneens een notoire gebruiker, raden het volgende aan : niet meer dan drie lijntjes wit poeder per dag, aangevuld met een half dozijn jointjes, gecombineerd met een fles chasse spleen of jonge bokma, zijn een goede mix om dag in dag uit een ware doender te blijven. Daar hou ik mij aan en mijn kabinetspersoneel steunt mij voor 100 %. Sommige schepentjes volgen mijn epicuristisch levenspad van roesmiddelengebruik, namen ga ik niet noemen, maar ’t zijn niet allemaal sossen. Zo’n levenswijze, ver weg van dorre asceten, noem ik redelijkheid en gezond verstand. Fanatieke hedonisten die overdrijven en misbruiken moeten in een gesticht of gekkenhuis. Ik weet het, mijn atypische levenshouding is de wanhoop van de Kortrijkse kleinburgerlijke beaus die de hypocrisie, het goed fatsoen en de huwelijkse trouw hoog in het vaandel steken. Hun tijd is op.

Jarretel : De VLD heeft het moeilijk in de peilingen.

Van Quickenborne : Ik heb er vertrouwen in dat we de kiesdrempel halen. In de Westvlaanders liggen de kaarten goed voor mij, ik word zeker verkozen, al de rest is bijzaak. Vroeger was ik voor het stemrecht op 16 jaar, nu niet meer. Die jonge gasten stemmen nu allemaal voor de Van Langenhoves en de Vlaemsche Belangers of voor de Nieuw-Vlaemsche Nazionalisten, wat nog bedenkelijker is. Dat is vreselijk. Hoogtijd voor een hersenspoeling vanaf de kleuterklas zoals in Noord-Korea.

Jarretel : Hoe laat u diversiteit werken ?

Van Quickenborne : Aha, diversiteit, dat is mijn stokpaardje. Kijk, in onze stad zijn er 133 verschillende nationaliteiten, kleuren, geuren en culturen. Als dàt geen verrijking is ! Die mensen mogen allemaal hun ding doen, hun primitieve cultuur, middeleeuwse godsdienst, oeroude zeden en gebruiken behouden, hoe achterlijk, schabouwelijk en transgender-en vrouwonvriendelijk die ook is. Kortrijk is, na Mechelen, de meest verdraagzame stad van de Vlaanders en ik heb de ambitie om Mechelen voorbij te steken. In onze openbare diensten en aan onze loketten bijvoorbeeld mogen vrouwen voortaan de kopvod dragen, al zijn er nog geen opgedoken, lang zal het niet meer duren. Muzelmannen en andere salafisten mogen zich met de Jihad baard tooien, echt of vals, doet er niet toe. Kwatongen noemen ze baardapen, ik niet. Respect ! Gordels blijven evenwel verboden, ze moeten niet overdrijven. Bij nieuwe aanwervingen zoeken we een eerlijke mix, dat betekent dertig procent kopvodden, zestig procent twijfelgevallen en tien procent geboren en gespogen Kortrijkse witmensen die een kruisbeeld op hun blote borst mogen laten kerven. Alle vreemdelingen, exoten, bruinmensen, gespikkelden, halfzwarten en negers, ook illegalen, helpen we levenslang aan bed, bad en brood, een leefloon van 1200 euroots en medische zorgen op kosten van het ocmw. En discriminatie op de woningenmarkt en in het werk ga ik uitroeien met tak en wortel. Elke witte Kortrijkzaan die een huis wil verhuren wordt op een lijst gezet en moet toestemming aan onze dienst huisvesting vragen, waarna het college van burgemeester en schepen bepaalt tegen welke prijs en aan wie mag verhuurd worden. Werkgevers zijn verplicht hun vacatures aan de stadsdiensten door te geven, daarna bepalen speciaal daartoe opgeleide stadsambtenaren wie mag aangeworven worden. Op die manier wil ik paal en perk stellen aan de misdadige ultra liberale opvatting dat mensen zelf bepalen aan wie ze verhuren of wie ze aanwerven. Dat noem ik gewapend bestuur. Op die manier worden mijn extreemste diversiteitsfantasmen tot volvoering gebracht. Ik ben een ultralinkse liberaal, een kloon van D66 zeg maar. Daar ben ik fier op.

Jarretel : Hoe past u uw diversiteitsprinciepen op u eigen toe ?

Van Quickenborne : Ik ga daar niet flauw over doen en niet rond de hete brij blijven draaien. Het is zo dat ik zelf mijn middelbaar bij de jezuïten in St Barbara in Gent gedaan heb, destijds de meest elitaire school van de Vlaanders, waar ik nooit één gebronzeerde vreemdeling, neger, laat staan een moslamiet gezien heb of gehoord heb en nu nog. Tenzij één Jood met een keppeltje uit een begoede Antwerpse familie met relaties tot aan het Hof. Maar soit. Mijn ouders vonden in heel Kortrijk geen school goed genoeg voor een welopgevoede jongeling als ik, boordevol talent, tsjeefachtige redelijkheid en gezond verstand. Welnu, dat elitarisme is een beetje in mij blijven hangen en zo zijn wij, mijn vrouwtje en ik, tot het besluit gekomen dat het beter is voor onze Beau om ook voor haar het beste van het beste te kiezen. Het werd Kinderland van Don Bosco, een eliteschool en de allerwitste van Kortrijk en omstreken. In die omgeving valt geen islamiet of achterlijke Afrikaan te bespeuren, zodus, onze keuze was rap gemaakt. Ik wil niet verduiken dat om de hoek van waar ik woon, op nauwelijks 100 meters, zich ook een lager schooltje bevindt, een gruwelijk zwart en half moslamietenschooltje en daar willen Anouk en ikzelf met onze Beau niet aan. We zijn niet zot hé. We moeten nu ook niet overdrijven met die diversiteit in alle maten en gewichten. Kinderland ligt kilometers ver ver buiten de stad en nog veel verder van onze toekomstige boerderette op een exclusieve lap grond van 1500 vierkante meters aan de linker Leieoever, zuiders gericht, nabij de grens met Kuurne. Geen windmolens of moskee in de wijde omgeving te bespeuren. Ik ben daar niet beschaamd over. Ik ben niet de eerste de beste politieke pierlala en mijn vrouwtje geen wasserettekoningin van dertien in een dozijn. We zijn een superieur meerwaardekoppel dat de maatschappij naar een hogere beschaving leidt en de gelukzaligheid en welzijn van de mensen naar nieuwe hoogten. Als doenderskoppel hebben we recht op ietsje meer. Nu is het onafwendbaar ogenblik gekomen dat niet meer kon worden uitgesteld. We gaan dus onze Beau dagelijks met de auto moeten voeren, acht kilometers door en acht kilometers weer, een uitputtende klus in de dagelijkse spitsuren en voor de uitstoot en de opwarming van onze stad niet optimaal. Het zij zo, eerst de opvoeding van ons Beau, daarna de diversiteit, het klimaat, de armoedebestrijding, de vreemdelingencriminaliteit, de pensioenkwestie,  de mestoverschotten, de rijkentaks, de beerputtentaks, de Aziatische Hoornaer, de dierenrechten, het lijden van Sprotje, de vroegdementie, het verdoofd slachten, het racisme, de discriminatie, Van Langenhove, de seksuele minderjarigheid,  enzovoort, enzoverder. Hopelijk kan ons moeder een handje toesteken, want de kosten van een inwonende gouvernante kunnen we niet trekken wegens de loodzware afbetaling van onze boerderette aan de linkeroever van de Leie nabij de grens met Kuurne. Zelfs niet met mijn gecumuleerde pree van zo’n 10.000 euroots netto per maand. Daarom pleit ik voor een inwonende gouvernante op kosten van de staat, voor politieke doenders zoals ik. Ik ben goudeerlijk in die dingen.

Jarretel : Hoe denkt u over de opwarming ?

Van Quickenborne : Ik ben voor een streng uitstootbeleid om de opwarming van Kortrijk onder de tien graden celsius te houden. Meer en we zitten met Buda Beach aan de echte beach, wat niet onaardig zou zijn. Maar toch. De mensen van Kortrijk zitten liever in Ibiza of aan de côte d’azur. Ik ben een klimaatgelovige en wil onze stad klimaatneutraal maken. Geen thoriumcentrale op Kortrijk weide, wel een windmolenpark in Kooigem en verplichte zonnepanelen op alle rijhuizekes. Elke Kortrijkzaan met een tuin van meer dan 20 vierkante meters een verplicht windmolentje om in eigen elektriek te voorzien. Een verbod op badkamers, autogarages en een tuin van meer dan twintig vierkante meters, behalve voor politieke doenders en gutmenschen die de maatschappij fundamenteel verbeteren. Als compensatie voor hun onbaatzuchtige diensten aan de samenleving hebben ze recht op comfort, privilegies zou ik het niet noemen, wel loon naar werken.

Jarretel : Wat met uw politieke toekomst ?

Van Quickenborne : Kijk, ik ben geen kraai in pauwenveren. Ik wil niet verduiken dat ik ambitie heb om na 2024, wanneer ik mijn buik van het Kortrijks burgemeesterschap vol zal hebben, hoger te mikken, dat een hogere roeping op mij ligt te wachten, beginnende met het partijvoorzitterschap, vervolgens eerste-minister, om in volle glorie te eindigen als Europees commissaris. Zeker blijf ik de politieke schommel aanduwen tot mijn 85ste, en van pensioenproblemen zal ik in elk geval gespaard blijven. Met een stuk of zes gecumuleerde pensioentjes zal ik me een exclusief appartementje in Knokke-Le-Zoute met zicht op de Noordzee en met de rug naar Kortrijk kunnen permitteren, tenzij ik voor mijn oudere dag naar een zonovergoten belastingsparadijs met zit zand in de Stille Zuidzee emigreer. Maar politiek is een beetje zoals mikado, men neemt een stokske en plots bougeren er een half dozijn andere en zit het spel op de wagen. Persoonlijk ben ik er redelijk gerust in, vrouwtje Anouk ook. Met mijn uitbundig inkomen moet ze niet meer om den brode in haren halfbloten liggen poseren voor de lens van geile portrettentrekkers voor op de cover van de halfpornografische lingerieboekskes van Murielle Scherre. Intieme vrienden prijzen mijn vrouwtje als de schoonste, de edelmoedigste en de spiritueel frivoolste vrouw van de stad, maar deze bespottelijke liefdesverklaringen zijn niet aan haar of mij besteed. Het is verspilde moeite.

Jarretel : Hebt u een levensmotto ?

Van Quickenborne : Beter rijk en gezond dan arm en ziek.

Op onze laatste vraag of hij politieke vrouwen met humor kent, antwoordde de burgemeester dat hij er welgeteld ééntje kent, evenwel niet van zijn partij. “Men noemt haar het politiek escortewijf van de Kortrijkse Nieuwe Vlaemsche Nazionalisten en meer kan ik over haar niet roddelen. Zelf heb ik veel gevoel voor humor, meestal als er niemand bij is,” grijnslachte Vincent met een vette knipoog.

Vincent staat ook niet te springen om te horen wat zijn vrienden en kennissen eerlijk en zonder omwegen zouden vertellen wat ze écht van hem denken. Of hoe hij staat tegenover zogenaamde vrienden die hem graag mogen omdat ze denken dat hij iemand is die hij in werkelijkheid niet is.

26 mei wenkt !

Dit bericht is geplaatst in Diepte-interviews. Bookmark de permalink.