Gutmensch Bart

Liefste nieuwjaarsgenoot,

Ik had er altijd een hekel aan, aan het voordragen van mijn nieuwjaarsbrief. Toch wil ik graag dat jullie mijn brief lezen. Mijn retorisch talent is beperkt en mijn dictie krakkemikkig. Ik vermijd derhalve publieke optredens.

Mocht een nieuwjaarsbrief echter op muziek mogen staan, en uiteraard woordloos zijn, dan zou ik die kunnen voorspelen op mijn contrabas. Dan krijg je een alleen een impressie van mijn wensen, een gevoelsmatige indruk, met gedachten die naargelang je stemming in verschillende richtingen kunnen uitwaaieren. Een romantische melodie, in la mineur, zoetgevooisd, vergevingsgezind, vol mooie intenties. Of eerder kregelig of zelfs boos op alles wat in de wereld rondom ons gebeurt, in mi groot dan, bluesy, als een aanklacht tegen zoveel onrecht in de wereld?

Ik kies voor mi groot. De bluestoonaard bij uitstek. Die waarin zwarte muzikanten in Amerika hun lot bezingen. Met een door merg en been snijdende slidegitaar, een snerpende trompet en een schurende stem uiten ze hun gevoelens, ergens in het midden tussen aanklacht en lotsverbondenheid. Overgoten met een melancholische saus.

Dromen van een beter leven. Daar gaat het altijd over in de blues. Dromen van een beter leven maar weten dat het quasi onbereikbaar is. Omdat de samenleving dat niet toelaat, niet mogelijk maakt, niet echt wil. In zo’n samenleving leven we vandaag. De meest ontwikkelde samenleving ooit in des mensen geschiedenis, met ronkende verdragen over gelijkheid, vrijheid, mensenrechten en dies meer. Verankerd door internationale instanties met naam en faam. De rijkste samenleving ooit, maar er nog steeds één die er niet in slaagt iedereen daar volop te laten aan deelnemen. Waar armoede ook in het rijke Vlaanderen meer dan 10 procent van de bevolking in een ijzeren greep houdt. Outcasts. “some are born to win, and some born to lose, and sing them poor boy blues”.

Dromen van een beter leven. Daar gaat het altijd over in de blues. Dat zijn ook de dromen van mensen uit het zuiden en het oosten die naar ons toe komen. Gejaagd door oorlogen, klimaatverandering, ongelijke verdeling van welvaart… Zij zijn de nieuwe zwarte schapen, de asiel zoekende immigranten. Op zoek naar een beter leven, of gedwongen weggejaagd uit zijn homeland. Of gelokt door wilde verhalen over de overlopende welvaart in het beloofde land, soms beduveld door mensensmokkelaars. In onze samenleving die pijlsnel verandert en verkleurt, en waar verbanden en symbolen onder druk staan, staat niemand te wachten om ‘hun’ droom van een beter leven in te willigen. Ze botsen op bange blanke mannen en vrouwen, die de welvaart liever voor henzelf houden, die solidariteit beperken tot ‘onder ons’.

Dus speel ik blues, in mi groot, de chagrijnige toonladder, die van verzet en kwaadheid. In de blues althans. Zoals Bessie Smith: Mister Rich Man, Rich Man Open up your heart and mind Give the poor man a chance Help stop these hard, hard time.

We missen blueszangers.

Uw gutmensch,
(Naïeveling? Nee, uit overtuiging dat het beter kan en moet worden voor iedereen.)

Bart Caron
1 januari 2019

Dit bericht is geplaatst in Ingezonden Stukken. Bookmark de permalink.