Bloemist

foto KV

Burgemeester Vincent Van Quickenborne wil lessen trekken uit de tragedie van bloemist Ghislain Deschoemaeker.

Op 31 oktober werd op het St Janskerkhof de omhaling ten voordele van de bloemist in nood afgesloten met de overhandiging van een check van 24.622 euroots, in de opvallende aanwezigheid van burgemeester Van Quickenborne, die zijn hart, maar niet zijn portemonnee opende.

De bloemist geraakte omzeggens failliet door de werken op de Pottelberg, die twee jaar aansleepten door de onachtzaamheid van het Kortrijks stadsbestuur, inzonderheid door schepentje van mobiliteit Axel Weydts, meer met zijn vakantieplannen voor Capri bezig dan met het welzijn van de Pottelbergse kleine commerçanten.

Axel Weydts : “Ik kan het inderdaad niet versteken dat het allemaal mijn schuld is. Ik heb er niet genoeg op aangedrongen bij Wegen en Verkeer en bij de aannemer dat het godverdomme moest vooruitgaan. Bovendien viel mijn euro zes maanden te laat, bij de ontdekking dat er geen fietspad lag, die naam waardig. Dan beval ik dat ze vanaf nul konden herbeginnen, weer zes maanden uitstel, allemaal op kosten van de stadskas. Verder dacht ik dat op de Pottelberg de kleine en iets grotere commerçanten tegen een flinke duw konden, met hun zwarte spaarzwijnen en exotische bankrekeningen. Ik heb me, off the record, door een belastingcontroleur laten vertellen dat ze nooit één euro aan belastingen van de Pottelberg geraapt hebben. Dat die bloemist, waarover ik nog nooit gehoord had, ik koop de bloemen voor de verjaar-en feestdagen van mijn man op ’t internet, dat hij dus letterlijk op droog zaad zat, was een complete verrassing voor mij. Ik ben blij dat de Kortrijkzanen van alle dag hun portemonnee wijd opengetrokken hebben. Zelf besteed ik mijn euroots aan Poverello en voeding voor de transmigranten van Zeebrugge, wat overblijft is voor de Capri en de afbetaling van mijn flatje op de torre van Kortrijk.”

Het facebookfilmke met de bijna in tranen verzuipende bloemist ging de planeet rond.
CNN wijdde er een ganse avond aan. Sensatievarken Kurt Vandemaele en de WTV kampeerden een week lang aan de voordeur van Ghislain. Een ouderwetse collectebus met een knikkend negerkopje werd midden op de straat gezet en passanten werden met aandrang verzocht te storten en het negerkopje met hun roste centen te doen knikken. Een weergaloos succes. De mediastorm en solidariteitsactie nam onrustwekkende proporties aan. Vele reacties op ‘t internet verweten de Kortrijkse burgemeester, verantwoordelijk schepentje Axel Weydts en het hele stadsbestuur verregaande onverschilligheid en afkeer en dat de Pottelbergse kleine commerçanten, bijna allemaal ten prooi aan een aanval van zelfdoding, aan hun lot werden overgelaten.

Toen greep burgemeester Van Quickenborne in. Vincent pinkte een traan in elk oog weg en zei op plechtige toon, terwijl zijn toespraakje door zeven tv-camera’s gecapteerd werd :

Vincent : “Kijk vrienden hier allemaal rond Ghislain verenigd, ik denk dat wij als stadsbestuurders iets hebben geleerd de voorbije dagen. Dat is, ten eerste, dat er heel veel naastenliefde is bij de doordeweekse mensen van onze stad en van ver daarbuiten, tot in Veurne toe naar ik hoorde. En dat is zeer goed, want dat toont dat gewone lieden nog altijd een groot hart hebben voor kleine commerçanten die het moeilijk hebben. En dat ze hun hart en vooral portemonnee wagenwijd opentrekken en ik zag dat negerkopje voortdurend goedgeluimd knikken. De euroots stroomden als Leiewater binnen. Ten tweede hebben we geleerd dat wegenwerken nóg sneller moeten vooruitgaan. Die Pottelberg van nauwelijks 800 meters lang kon gemakkelijk in één jaar in plaats van twee gerealiseerd worden. Schepentje Weydts heeft hier zwaar geblunderd, ik denk dat hij te veel met zijn eigen of zijn man bezig is, en met zijn vakanties op Capri. In het volgend stadsbestuur zal hij een gemakkelijker postje toebedeeld krijgen, de kapoen, bijvoorbeeld aankoopchef van klein bureelgerief, accessoires voor poetspersoneel en schoonheidsproductjes en hygiënische verbanden voor vrouwelijk stadhuispersoneel. ‘s Namiddags is Axel dan vrij voor zijn reisplannen met manlief naar Capri. Maar dat de werken moeten vooruitgaan heb ik niet geleerd van onze onfortuinlijke bloemist Ghislain. Dat heb ik voor de verkiezingen al gezegd. De werken op de Pottelberg zijn een zeer goed voorbeeld geweest van hoe het niet moet.”

Betere bescherming voor de kleine commerçanten

Vincent, goed op dreef, vervolgde : “Er komen nog meer werken aan, zoals de statiewerken. Het gaat geen waar zijn dat die nóg langer gaan duren dan de verlaagde Leieboorden die al van in de jaren vijftig waren ingepland. De voorziene einddatum voor de statiewerken van 2045 heb ik vervroegd naar 2035. Dat scheelt een slok op de borrel en wij gaan als stad in de toekomst nooit meer kijken naar de prijs. Nooit meer. Wat ik ook heb geleerd, is dat wij als stad, bij werken langer op voorhand de kleine commerçanten moeten bezoeken en hen met een collecte moeten helpen. De zaak van de Pottelberg en die bloemist heeft mij, mijn vrouwtje en gans het stadsbestuur zwaar aangegrepen. Ik lag er nachtenlang wakker van. Misschien schepentje Weydts iets minder, tenzij van zijn escapades en avonturen, met of zonder zijn man, op Capri en de baai van Napels. In het schepencollege hebben we daar lang en met een krop in de keel over gesproken. Schepentje Detavernier was het meest ontroerd en kreeg er bijna een burn-out van. Schepentje Vandendriessche toonde, als keiharde liberaal, geen mededogen en schepentje Rudolf Scherpereel zei dat hij grotere zorgen heeft dan die onnozele bloemist. Rudolf, die in een overmoedige bui en na een half dozijn Omers in ’t Postje, zijn vrouwtje het first ladyschap van Kortrijk beloofd had, wordt vanaf januari werkloos. Er is al een steuncomité voor het uit de boot gevallen schepentje opgericht. Wat de kleine commerçanten betreft, gaan we helpen. Ik wil niet versteken dat ik mijn eigen portemonnee voor Ghislain niet opengetrokken heb. ’t Is gewoon overmacht. Wegens mijn bouwplannen voor onze boerderette aan de Leieboorden moeten we zwaar besparen, rekende mijn vrouwtje voor. En ik ben al zo’n 350.000 dukaten kwijt voor de lap grond alleen al. Pech voor Ghislain en ik ben er een beetje beschaamd over. En verder weet ik dat al mijn schepentjes met de klak zijn rondgegaan bij hun kabinetards en secretaressen, een nobele geste die ik weet te waarderen, waarvoor dank in naam van Ghislain. Of mijn schepentjes zelf iets hebben gestort, daar heb ik het raden naar, maar ik twijfel. We gaan voortaan de kleine commerçanten met raad en daad bijstaan om drama’s te vermijden en een nieuw orgaan in het leven roepen : een splinternieuwe équipe met aan het hoofd een wegenwerkencoördinatieploeg met een universitair geschoolde werfcoördinator, een administratief directeur, een onderdirecteur, drie adviseurs, een jurist, een plannenmaker, twee technische tekenaars, zeven ploegleiders, twee secretaressen en één chauffeur. Kwestie van de wegenwerkcoördinator deskundig te omkaderen. Het mag iets kosten. Ik heb toch al zo’n honderdvijftig overbodige stadhuisbeambten buiten gewerkt. Dus al veel bespaard. We hebben natuurlijk nu al een ‘minder-hinder’-coördinator, de aanminnige Heidi Debels, die dat zeer goed doet, maar ze kan dat natuurlijk niet allemaal alleen opvangen. Heidi dient meer om nu en dan een keer als ’t goed weer is naar de werken te gaan kijken, een babbeltje met de naar haar fluitende stoere kraanmannen, grondwerkers, kabelleggers, steenkappers en exotische kasseileggers te slaan, meestal over het weer, de liefde en over haar volgende vakantieplannen. Maar Heidi mag er zijn, een toffe meid waar het ordinair stadspersoneel veel deugd en plezier aan beleefd, vooral Sander Maenhoudt,  en dat is goed voor de moraal. Hoofdopdracht van de nieuwe wegenwerkencoördinator zal coördineren zijn, iets waar Heidi minder sterk in is, tenzij in het coördineren van haar vakantieplannen. Veel werken staan op stapel, onze stad wordt mooier en mooier. Maar laat Ghislain het boegbeeld zijn van onze nieuwe aanpak en een voorbeeld van hoe we het anders kunnen aanpakken, zodat alle kleine commerçanten gelukkig worden.”

Boegbeeld

Tot slot richtte de burgemeester zich tot Ghislain die weer in tranen uitbarstte, en zei: “Kijk, man, ik ben fier als een gieter op je. Vooral blij dat je terug de moed gevonden hebt om er tegenaan te gaan. Je filmke was zeer aangrijpend. Het was ook zeer eerlijk. Snik. Dat heeft alle Kortrijkzanen aangesproken, ook de nieuwe en anders gekleurde. Bij ons in het schepencollege hebben we daar maandag nog urenlang over gesproken en we hebben na het college in Bar de Amis ettelijke glazen Omer gehesen op je financieel succes bij omhaling van een klein fortuin, uit de zakken getoverd, niet van de onze, maar van de meelevende kleine Kortrijkzanen van alle dag. En Ghislain, je bent een voorbeeld geworden voor veel mensen, een boegbeeld. Laten we die ervaring koesteren, laten we ze omzetten in veel positieve energie. Dat heb je heel goed gedaan. Ik ga je voordragen om tot ridder in de Leopoldsorde geslagen te worden en we overwegen een standbeeld van je op de Pottelberg. Love you.”

Dit bericht is geplaatst in Humor. Bookmark de permalink.