1917

Kortrijkwatcher Frans Lavaert grasduint graag in de mandaten van de Kortrijkse politiekers, een verdienste, want niemand anders doet het. Kortrijkzanen moeten weten welke politieke cumulards er zoal in Kortrijk rondlopen. Op de website cumuleo vindt men alle details. Over Vincent, Axel, Kelly, Philippe, Rudolf en de anderen. Het gaat er ruig aan toe bij de onvolprezen Kortrijkwatcher. Jammer dat KW nooit de exacte bedragen van de bezoldigde mandaten vermeldt en die staan netjes op cumuleo. Voor slechts één euro per maand (12 op jaarbasis) kan men die bedragen vinden, maar Kortrijkwatcher vertikt het om dat luttel bedrag neer te tellen. Daarenboven is hij te lui om van alles te citeren en te gierig om de plaatselijke persmensen een pint te trakteren. Waarom ? Wat scheelt er aan onze senior writer ? Viel hij ten prooi aan een neurotische stoornis als gevolg van een overdosis aan chagrijn, azijnpissigheid, verlatingsangst en een gebrek aan menselijke warmte, begrip, genegenheid en diepzinnige liefde ?

Jarretel vroeg het hem op het terras van afspanning In de Wolken, bij Stef en Vetje, het bijna sympathiekste cafébazinnenkoppel van Qlown Town.

Kortrijkwatcher : “Ja zeg, euh, hmm, hik, kijk vriend, ik ben geen intellectualistische praatvaar zoals onze burgemeester, en ik ga ‘t u vlakaf zeggen wat op mijn droge lever ligt. Ik heb ik al kosten genoeg hé, mijn pacht, mijn gsm rekening, mijn rode bordeaux, mijn was, mijn plas, mijn exotische reizen naar de meiskes van Kuta, mijn nafte, mijn blog, mijn uitgaandersleven, mijn rekening van In De Wolken en mijn lief dat mij niet sponsort, dat kost allemaal stukken van mensen hé. Buiten mijn leraarspensioentje van 1.960 euroots per maand heb ik geen andere inkomsten, laat staan zwarte. Ik moet ik sleuren en trekken om de eindjes elke maand aan mekaar te krijgen. Hik. Eén geluk, dankzij schepen De Coene, ere wie ere toekomt, kan ik één keer per dag in de Vork voor 7 euroots mijn maag volsteken. Ik ben namelijk een twijfelgeval wat armoede betreft. Te rijk om bij de gilde van de 2 euroots-eters aan te schuiven, te arm om 14 euroots op te hoesten. Ik zou ik eigenlijk voor De Coene moeten stemmen, toch ga ik voor het origineel, de communisten. Ik ben een onverbeterlijke caractériel, doe de rijken de crisis betalen ! Verder moet ik het allemaal gratis en voor niks doen. Godganse dagen naar ’t stadhuis sloffen, de stadsdiensten afdweilen om de openbaarheid van bestuur uit te dagen. Daar kijken de domme stadhuisratten mij met de nek aan. Dan moet ik nog elke ochtend naar de Bib om de gazetten te gaan lezen en de geschrijfsels van Kris Vanhee, Peter Lanssens, Axel Vandenheede en die charlatan van de Tijd, allemaal zielige broodschrijvers, ik noem ze de embedded press, uit te knippen. Mijn plakboeken, knipselmappen, portretten, brieven en volgeschreven bierkaartjes puilen mijn begijnhofhuizeke uit. By the way, na 79 jaren in dit leven heb ik het testament van mijn loopbaan opgemaakt. Na mijn dood verhuist mijn archief naar kelder van de communisten. Wie anders ? De enige partij die mij nog lief is en die mij steunt wanneer het erom spant. In de 1917 kan ik me laten vollopen tegen 1,80 euroots voor een glas rood. Ik krijg geen subsidies, geen drankbonnetjes, geen adellijke titels en geen eredoctoraten of standbeeld voor mijn jarenlang opzoekingswerk, het naar boven spitten van de onderste stenen, mijn geploeter, het onthullen van complotten, corruptie, machiavellisme, domheid en onbekwaamheid in de Kortrijkse politieke diergaarde. Kortom, niet de minste waardering is mij gegund voor mijn diepgravende onderzoeksjournalistiek, nu al bijna dertig jaar. Ik noem dat mensonterend en het grootste skandaal van Kortrijk. Ze noemen mij misprijzend een politieke clochard met een moddermoustache, een lederen grijns, bloeddoorlopen ogen en de blik van een dood peird. Ach, laat ze kwaken. Hik. Vijftig jaar lang had ik succes bij de vrouwtjes achter dezelfde tapkasten, ik was een gezellige prater, een sensuele en onweerstaanbare don juan, een ambiancemaker, een gewaardeerde betweter, een gevierde doordrinker en een levenskunstenaar met onblusbare levenslust, zin voor fijne humor en met een vleugje genietbaar cynisme. En er werd altijd doorgedronken tot het ochtendgloren, zoals mannen omgaan met een hartstocht voor het leven. Ik blijf nu alléén achter aan die tapkast van weleer, als een verstilde, versteend, vereenzaamd en door iedereen verlaten. Mijn maten van destijds, partners in crime, zitten allemaal onder de grond. Het voelt onwennig aan, mijn levenslust glijdt uit mijn handen. Mijn enig levensdoel ligt nog in het informeren en waarschuwen van domme en onwetende Kortrijkzanen voor de gewetenloze machinaties van het politiek schorremorrie dat thans het schoon weer maakt in deze stad van de schande. Ik schep er een duivels genoegen in om de burgemeester en zijn kliek dag in dag uit de mantel uit te vegen, uit te kafferen, aan de schandpaal te nagelen. Ik zal dat blijven doen tot mijn allerlaatste asemstoot. Kwatongen noemen mijn ophitsende geschriften het gevolg van een gekwetste eigenliefde. Maar het is geen wraak. Het gaat mij uiteindelijk alleen om de overwinning. Mijn devies luidt : ‘Adelaars vliegen alleen, eenden vliegen in troepen’. Op naar 14 oktober ! Hik.”

Dit bericht is geplaatst in Humor. Bookmark de permalink.