Be Yourself

Jarretel aanhoorde meesmuilend het apolitiek levensverhaal van Axel Ronse, lijsttrekker N-VA Kortrijk.

Jarretel : Meneer Ronse, wie bent u eigenlijk, situeer u even ?

Axel : Ik ben 36 jaar, geboren en getogen in Jabbeke bij Brugge, waar ik altijd woonde. Ik noem mezelf een authentieke Bruggeling en beheers het plaatselijk dialect. Pas sinds 2 jaar ben ik naar Kortrijk uitgeweken omdat, nadat ik het lijsttrekkerschap op de N-VA lijst voor de Vlaamse verkiezingen van 2014 in de schoot geworpen kreeg, ik verkozen werd tot Vlaams volksvertegenwoordiger en ik daarbij uitzicht kreeg op een veelbelovende carrière in de Kortrijkse politiek. U moet weten, het Kortrijks N-VA bestuur was op dat ogenblik een ingedommeld ouderlingengesticht. Er waren wel wat nieuwkomers, maar allemaal welweters en ruziemakers. De krabbenmand ontaardde in afrekeningen, verraad, broedertwist en schande. Ik arriveerde daar als reddende engel en stelde in de kortste keren, geruggesteund door Geert Bourgeois en partij-ideoloog Louis Ide, orde op zaken. De welweters en ruziemakers zette ik onmiddellijk buiten. De zwaar gestoorde amokmaker Steve Vanneste was het eerste slachtoffer van mijn Grote Opruiming. Tientallen interessante mensen stroomden daarna binnen. Toegegeven , niet allemaal flaminganten met een bloedlijn tot aan de Guldensporenslag, wel separatisten, taalpuristen, de uitgebluste lerares Vandersteene, Zuid-Tiroler Rudolf Scherpereel en de extreem-katholieke zendelinge Catherine Waelkens. Taalpurist, dat ben ik ook niet, integendeel, lees mijn website, ik ben een moderne jongen, ik communiceer in het Engels. Engels is de toekomst. Be yourself, everyone else is already taken. Daarom zult u mij nooit meer tegenkomen op de Kortrijkse 11-juli viering bij de Maagd van Vlaanderen. Een oubollige bedoening met een racistisch en fascistisch reukje. Bah. Ik zal ook nooit trouwen en ben grote voorstander van het X-geslacht, tot hetwelk ik mezelf reken. Als ik ooit burgemeester word, installeer ik genderneutrale X-toiletten in al de stadsgebouwen. Ze noemen mij mister X, een eretitel. Wat mijn opleiding betreft, ik ben filosoof van de school Immanuel Kant en Vlerick-boy. Ik durf me een intellectuele hoogvlieger noemen, het niveau van Catherine Waelkens, een referentie die kan tellen.

Jarretel : Hoe verantwoordt u uw lijsttrekkersplaats ?

Axel : Kijk, in de afdeling Kortrijk zitten mooie en boeiende mensen die ideetjes over alles en nog wat hebben. Maar er is aan iedereen een schaduwkant. Een paar voorbeelden. Ik noem Steven Lecluyse. Steven is tè intelligent om zich in de actieve politiek te vergooien, veel kans om als zenuwlijder te eindigen. Dat zou jammer zijn. De stille kracht Filip D’huyvetter is dan weer een geval buiten categorie. De man wordt door hallucinaties achtervolgd en streeft ernaar gelukkig te worden, en hij wil maar niet begrijpen dat de politiek niet de aangewezen weg is. Ik heb Filip op een dood spoor gezet, hij moet tegen zichzelf beschermd worden, hij mag alles zeggen, maar we gebaren dat we het niet horen. Michel De Wandel is een nog ernstiger probleemgeval. Michel is autodidact en levenslang leerder en gelooft dat dit volstaat om schepen van Kortrijk te worden. Michel heeft zich verzoend met een waterdragersbaantje achter de coulissen. Over Birgit Dewulf doen geruchten de ronde als zou zij An Vandersteene naar de kroon steken voor het schepenpostje van Cultuur & Sport. Ik wil Birgit niet uitlachen en heb haar als troostprijs het ondervoorzitterschap van de afdeling beloofd, naast onze kersverse voorzitter Jorgen Deman. Ik weet dat er wenkbrauwen gefronst worden bij het parachuteren van Jorgen in de voorzitterszetel. Niet dat de jongen met de talibanbaard minder slim zou zijn dan Lecluyse of Jan Declercq of dat er iets mankeert aan zijn persoonlijkheidsstructuur of dat niemand zijn burgerlijke status kan achterhalen en tot welke geslachtelijke en religieus-filosofische obediëntie hij behoort, toch moeten we voorzichtig zijn met Jorgen. Ik heb hem, ondanks die twijfels, het voorzitterschap opgedragen. Jorgen is een bescheiden en eigenzinnige jongen, met een verfrissende zelfrelativering, een flinke dosis zelfspot en een plichtsbewustzijn dat aan het pathologische grenst. Waar vindt ge dat nog ? Ik voel dat ik hem de baas ga kunnen and I love him.

Jarretel : Vertel verder over uw lijsttrekkersplaats en uw ambities.

Axel : Zoals u weet, ben ik erin gelukt schepen Rudolf naar de allerlaatste plaats te duwen. Rudolf wordt duwer. Met zijn 66 is hij nog net aanvaardbaar om de stemmen van de ouden van dagen te trekken. Niet voor schepen, maar dat weet hij nog niet. Herr Rudolf wou lijsttrekker worden en er is heel wat massage aan te pas gekomen om hem naar achteren te duwen. Hij dreigde ermee van het N-VA schip te springen om in Zuid-Tirol in Lederhose van zijn pensioen te gaan genieten. Dat had hij beter gedaan. Er staan een paar kwaliteitsvolle jonge en halfjonge gasten te springen om schepen te worden. Ik noem Trui Steenhoudt, onze vrijgevochten mietoe kandidate. Ik mag ook Liesbet Maddens niet vergeten, tegenpool van Steenhoudt, geen tante nunne, maar een Maddens grand cru. Liesbet bijt flink van zich af in de gemeenteraad en op stadsrecepties, ze weerstaat de avances van wouldbe casanova Wouter Allijns, en ze leest Lady Chatterley’s lover, Louis Paul boon en het verzameld oeuvre van Jan Cremer.

Jarretel : Wat zijn uw toekomstperspectieven ?

Axel : Ik ga er niet flauw over doen. Ik word burgemeester van Kortrijk. Ik ben fier op mezelf en vergeet nooit waar ik vandaan kom, de beemden van Jabbeke. Quickie noemt me een opschepper, een praatjesmaker, een looser, kortom een politieke nobody die nog niet tot aan zijn enkels reikt, maar hij vergeet dat hij zelf een partij of vier versleten heeft, vooraleer, uit plat opportunisme en carrièrisme, voor de liberalen te kiezen. Op onze nieuwjaarsreceptie hoorde ik uit betrouwbare liberale bron dat onze burgemeester een geldwolf van het zuiverste water is, en dat hij maar één drang in zijn leven kent : het bevredigen van zijn onstelpbare honger naar euroots. Hij zou er tussen pot en pint over geklaagd hebben dat er in de stad Kortrijk een paar ambtenaren rondlopen die méér verdienen dan hijzelf, hetgeen Q een buitenproportionele schande vindt. Vld-ers die dicht bij hem staan, vertellen mij dat daar de grondoorzaak te vinden is van zijn aanhoudende twijfel omtrent het voortzetten van het burgemeesterschap. Vincent zoekt wanhopig een uitweg naar een lucratiever postje en niemand weet voorlopig, ook hijzelf niet, of hem dat zal lukken. Het partijvoorzitterschap, beloond met een eersteministerwedde, zou een welgekomen uitweg zijn. Het valt financieel te combineren met het burgemeesterschap en loont vorstelijk. Onze burgemeester is dringend aan bouwen toe, een financiële titanenopdracht, een luxe boerderette langs de rive gauche van de Leie, op de duurste lap bouwgrond van Kortrijk, 1.250 vierkante meters en 500.000 euroots. Ook gezinsuitbreiding is in volle voorbereiding, het ontwerp ligt klaar. Nu Anouk nog. In elk geval hou ik me klaar om het stadhuis in te nemen. Ik pronostikeer 13 zetels, de grootste partij van ’t stad. Ik heb besloten vriendschap en liefde te scheiden van opportunisme, hebzucht en affairisme.

Jarretel : Is er een cordon ?

Axel : Natuurlijk. Vlaamsch Belang, dat is geen partij, dat is een gecamoufleerde terreurorganisatie. De goedgelovige Wouter Vermeersch speelt mee in een gevaarlijk spel, wat hij nog niet beseft. Ze zijn tegen de multicul, tegen de transgenders, tegen de muzelmannen en-vrouwen, en tegen de megamoskee van 5 miljoen euroots aan de Bruggesteenweg. Wij van de N-VA promoten de moskee, een teken van verbinding met de christenen, ketters en ongelovigen. We gaan akkoord met een minaret van 35 meters. Het wekelijks gehuil nemen we erbij, het moeten niet alle dagen de klokken van Sint Maarten of van Rome zijn. En we willen in Kortrijk paasmaandag en tweede sinksen vervangen door twee moslamieten feesten. Een nieuw multicul hoofdstuk om het fatsoenlijk burgerschap en de fierheid in onze stad op te vijzelen. We willen van alle Kortrijkzanen, zowel van links als van rechts, Gutmenschen maken, en dat willen de racistische Vlaamsche Belangers juist niet. Onze minister Jambon gaat ze nu allemaal op de terreurlijsten zetten en achterhuisbetredingen mogelijk maken.

Jarretel : Is het waar dat er een mol, een Judas in uw bestuur zit ?

Axel : Ja, kijk, dat is inderdaad een groot malheur. Verleden week werden de namen van onze topkandidaten op straat gegooid nog vooraleer de topsecret vergadering afgelopen was. We zitten met een mol die onze partijgeheimen in de krochten van de rioolgazetten gooit. Ik verdenk een paar bestuursleden die zichzelf het politiek zout van Kortrijk wanen, maar niet aan een verkiesbare plaats geraken wegens tekort aan hersengewicht. MDW is daar één van, hoofdverdachte, en ik denk nog aan twee anderen. In onze volgende vergadering ga ik grote kuis houden, man, vrouw en paard noemen. Desnoods gooi ik alle verdachten stante pede buiten. Zoals ik destijds met Steve Vanneste deed. By the way, zit die nog niet in een instelling ?

Jarretel : Een persoonlijk vraagske : bent u getrouwd, samenwonend, vrijgezel, of nog iets anders ?

Axel : Daar zeg ik liever niet veel over. Ik kan alleen bekennen dat ik een man ben die erin geslaagd is geen vrouw te vinden. Intelligente mannen kunnen geen goede echtgenoten zijn om de simpele reden dat ze niet trouwen. Die waarheid heb ik niet zelf uitgevonden, ze komt van Henri de Montherlant.

Jarretel : Fier Ferm Fris , wie heeft dat uitgevonden ?

Axel : Weergaloos nietwaar ! Onze ongekroonde koning van de oneliners, Steven Lecluyse natuurlijk, wie anders ? Steven is met niets anders bezig als hij weer niet thuis is en niet aan een dubbele marathon met een soulvriendinne bezig is. Jammer dat Steven zo ondergewaardeerd wordt, zijn bescheidenheid is redelijk ziekelijk. Kleine anekdote : eerst kwam onze stille kracht Filip D’huyvetter af met een plaisanterie, een slogan van de Bond zonder Naam: Hier mag je lachen ! Van D’huyvetter kan veel gezegd worden, maar niet dat hij geen zin voor kolder heeft. Ik heb zijn geintje geweigerd. Bulderlachen en schuddebuiken kan, maar met mate.

Jarretel : Hebt u een motto, een lijfspreuk ?

Axel : Er is geen paling die niet hoopt een walvis te worden.

Dit bericht is geplaatst in Diepte-interviews. Bookmark de permalink.