DeParty !

Koop een letter voor de nieuwe fuifzaal !

‘Er is nu een fuifzaal’, opende de schepen de vergadering met een aantal representatieve jongeren, ‘maar er is nog geen naam voor.’ Het was met dat doel dat de jongelui inderhaast samengeroepen waren. ‘En het moet snel gaan en mag niet veel kosten’, vervolgde hij. ‘Kijk, er zijn een aantal namen geopperd door een studiebureau dat we daar enkele duizenden euro’s voor hebben betaald. Normaal zouden we jullie daaruit laten kiezen. Maar sommige namen durf ik hier niet noemen. Ze beantwoorden in elk geval niet aan de hippe, jonge, ondernemende, originele stad die Kortrijk wil zijn. En dus heb ik gedacht: weg die studie en ik vraag het aan de jeugd zelf. Niemand kan daar iets op tegen hebben.’ Hij kreeg geen ongelijk van de aanwezige jongeren.

‘Zijn er ideeën?’, ging de schepen verder.

Iemand die duidelijk zijn cursussen een aantal dagen aan de kant had geschoven ten dienste van de stad en eeuwige roem, zette meteen van wal: ‘Kortrijk Weide heet na veel denkwerk ‘Weide’. Dan kunnen we de zaal ‘De Stal’ noemen en is er straks meteen ook al een naam voor het zwembad: ‘De Poel’. Kijk, dit is meer dan een naam, het is een concept: weide-stal-poel. In de eenvoud toont zicht de meester. Kort en krachtig. Iedereen begrijpt het. Ook in het Engels vinden ze de weg naar The Pool.  Er was veel instemmend geknik. Niemand had beter. Toch kwamen er opwerpingen. De vertegenwoordigster van Jong-CD&V vond ‘De Poel’ niet zo gelukkig. Het deed haar denken aan een poel des verderfs, wat volgens haar de bedoeling niet mag zijn. En ‘De Stal’ vond ze eigenlijk ook wel wat heiligschennend. Een groen meisje vond ‘De Stal’ niet erg multicultureel. Stallen waren eerder al in opspraak gekomen.

Een jongen met het schild van hockeyclub Saint-Georges op zijn blazer probeerde: ‘Een stal ruikt toch ook doorgaans niet zo fris. Als we nu dat idee zouden verlaten en enkele letters wijzigen? ‘La Salle’, dan is het toch wat het is: een zaal?’ En het is duidelijk voor de Fransen en de Walen en de Marokkaanse broeders en zusters die hier massaal zullen komen fuiven.’ Zijn voorstel werd weggelachen: ‘Toch geen Franse naam zeker!? Straks is alles hier weer in het Frans. Hebben we zelf geen woorden genoeg misschien? En er zijn genoeg jongeren in eigen stad en streek om de zaal te vullen, nu we die eindelijk zullen hebben.’

Volgden nog diverse voorstellen, die niet slechter waren dan die van het studiebureau, maar tegelijk niet konden overtuigen. Tot iemand opperde: ‘Het is een fuifzaal. Wat zeggen wij tegen een fuif? Een party! Laten we het DeParty noemen. Iedereen weet waar het over gaat. Een internationaal woord, dat ook Nederlands is. Zelfs Frans! Een compromis, dat tegelijk niet duidelijker kan zijn.

‘Dat is het! Dat moet de naam worden’, reageerde de schepen, ‘beter vinden we niet.’  ‘Maar’, zuchtte hij met geslagen blik, ‘er is één probleem. Te duur, we hebben hier geen geld meer voor. Na de werken en de studies, hebben we maar geld meer voor zes letters. Tot aan de ‘t’ kunnen we de naam nog betalen, maar dan is het op.’ ‘Hoe kan dat?’, reageerden enkelen met jeugdige verbolgenheid? ‘We kunnen de zaal toch niet ‘DePart’ noemen! Dat slaat nergens op! Het enige waar dat Kortrijkzanen aan zou doen denken is aan de historische ‘partjes’. De Partjes, zoals ze de arbeidersciteetjes noemden, maar dat waren vuile, armtierige hoekjes, die best vergeten worden. ‘En toch is het zo’, verklaarde de schepen.  ‘Ik weet dat het vervelend is, maar budget is budget.’ ‘En het is ooit nog erger geweest toen het winkelcentrum een naam moest krijgen’, ging hij troostend verder. Toen was er maar geld meer voor één letter. Gelukkig kwam toen iemand laat in de nacht op het idee ‘K’, of het winkelcentrum had geen naam gehad. Maar zo’n onaffe naam als De Part, dat is mossel noch vis. Daar wil ik… euh… part noch deel aan hebben. We moeten nadenken hoe we dit hier kunnen oplossen. Voor mijn… euh… part vinden we vanavond desnoods geen goede naam. Het is erg. Nu hebben we een goede naam, De Party, maar geen geld voor de laatste letter!’
De late voorbijgangers op het jaagpad langs de Leie hoorden de verzamelde hersenen van de aanwezige jongeren in de fuifzaal knarsen.

Tot een liberale jongere, die het partijprogramma goed gelezen had, ineens luidop riep: ‘We laten hem kopen!’ ‘Hoezo?’, weerklonk uit de zaal. ‘Wel, we zeggen niet dat het geld op was. Dat hoeven ze niet te weten. De huurders moeten gewoon de laatste letter kopen. We zijn toch Kortrijkzanen?
We zijn ondernemers bij uitstek, geboren verkopers, in onze stad is alles te koop, ook de naam van de zaal.’

‘Dat is het helemaal!’, riep de schepen uit. ‘We stellen ‘DePart’ niet voor als een onvolledige naam uit geldgebrek, maar als een flexibele naam. Een flexibele naam voor een flexibele zaal! De huurprijs is laag, de aankoop van een letter kan geen probleem zijn.’
Aan het gemompel te horen, waren de jongeren niet meteen overtuigd.

‘Toch wel’, wist de schepen. ‘Dat lost ons budgettair probleem op om een behoorlijke naam te hebben en het creëert tegelijk een pak mogelijkheden.’ Hij somde ze meteen op: ‘Wanneer de zaal gehuurd wordt voor een fuif, koopt iemand de letter Y. Dat is standaard. Dan gaat hun fuif door in De Party. Maar er worden extra’s voorzien. De Y is te verkrijgen in diverse vormen. Houdt bijvoorbeeld Jong-N-VA er een dansfeest, dan kunnen ze gaan voor een Y in de vorm van een Gulden Spoor. Van flexibiliteit gesproken. Ik wist het dat we creatief zijn in deze stad, ik wist het. De mogelijkheden zijn oneindig. Onyndig! Dit is een wereldwijde primeur: een zaal met een onvolledige naam, die de gebruiker zelf mag aanvullen. Het wordt DeParty, met een te kopen letter of letters. Want we mogen ook niet vergeten dat DeParty meer is dan een fuifzaal. Het is een evenementenhal, polyvalent voor diverse activiteiten. Als er iets anders dan een fuif wordt georganiseerd, vervelt de naam van de zaal en wordt hij aangepast aan de activiteit. Net als Manneken Pis in Brussel geen kleren heeft, maar steeds aangekleed wordt naargelang de activiteit, zo verandert de naam van onze zaal naargelang de gebruiker. Als bijvoorbeeld een politieke partij er zijn congres laat doorgaan, dan wordt DeParty voor hen omgetoverd tot DePartij. Grandioos! Twee letters, nog beter voor de stadskas.’ ‘En’, fluisterde hij, ‘als Marc Lemaitre er zijn verjaardagsfeest geeft, dan kan hij, als koning van de betaalde politieke mandaten, geld voor vijf letters ophoesten en maken wij er speciaal voor hem DePartizaan van. Kassa kassa! Als er een gokavond doorgaat, betalen ze ons voor DePartouche.’ En als de Frankrijk ontvluchte Depardieu bij ons eens wil fuiven… juist!’

Tegen zoveel jeugdige creativiteit en vindingrijkheid was niets in te brengen. Het was dan ook al laat en iedereen was moe. DeParty zou het worden, een aanpasbare naam, met een te kopen uitgang. En zo ging het verzamelde kruim van de Kortrijkse jongeren laat in de nacht uiteen en had hun nieuwe fuifzaal eindelijk een naam. Een hoogst originele, flexibele en ook nog lucratieve naam. Een naam, alleen mogelijk in Kortrijk.

Es lebe DeParty !

Dieuwke Naeyaert,
(uit Qlown Town)

Dit bericht is geplaatst in Ingezonden Stukken. Bookmark de permalink.